15 Onmisbare Tips voor Betere Portretfoto's
7 juni 2021 

15 Onmisbare Tips voor Betere Portretfoto's

Portretfotografie is een van de meest populaire vormen van fotografie. Binnen deze vorm kun je verschillende soorten ‘onderwerpen’ fotograferen, volwassenen, maar ook kinderen. Tegelijkertijd is portretfotografie ook een van de meest uitdagende fotografie vormen. Dit komt waarschijnlijk omdat je aan heel veel dingen tegelijk moet denken: Welke camera instellingen moet je gebruiken? Hoe geef je aanwijzingen aan je model? Hoe krijg je mooi licht in je portretfoto? Allemaal vragen waar ik in dit artikel antwoord op geef, in de vorm van mijn 15 allerbeste tips voor betere portretfoto’s.

[[showindex]]

1. Gebruik een portretlens

De snelste en direct zichtbare tip die ik heb voor portretfotografie, is het gebruik van een speciale portretlens. Een 50 mm F/1.8 voor een APS-C camera of een 85 mm F/1.8 voor een full-frame camera. Wat heel kenmerkend is voor dit soort lenzen, is dat je model scherp in beeld is, met een hele mooie wazige achtergrond. Door deze bokeh til je je portretfoto visueel meteen naar een veel hoger niveau (technisch gezien). Nog een voordeel is dat de bijbehorende brandpuntsafstanden (50 / 85 mm) geen lelijke vervorming veroorzaken bij close-up portretten. Hier zie je een portret van de bekende illustrator Thé Tjong-Khing, gemaakt met een Nikon D7000 + 50 mm F/1.4 portretlens.

2. Camera instellingen

Bij het maken van portretfoto’s wil je meestal dat er géén bewegingsonscherpte in beeld is. Met andere woorden, je sluitertijd moet snel genoeg zijn. Meestal gebruik ik 1/125 seconden als sluitertijd, met daglicht, maar ook met studiolicht. Als je een portret maakt ‘in actie’ dan moet die tijd natuurlijk sneller. Verder hou ik de ISO het liefst zo laag mogelijk, in de studio op ISO 80, en met daglicht als dat mogelijk is, ook. Buiten is dat meestal geen probleem, maar binnenshuis gebruik ik toch ook wel ISO 400, heel soms zelfs nog hoger. Maar hogere ISO’s zou ik proberen te voorkomen, zodat je ook zo min mogelijk ruis in beeld hebt. In deze foto liet ik Maaike langzaam (!) naar mij toe lopen, terwijl ik een salvo van foto’s schoot. Dit deed in de burstmodus van mijn Fuji X-T3 camera. Omdat Maaike dus bewoog, heb ik een sluitertijd van 1/500 sec gekozen. Dit kon ook makkelijk aangezien het een zeer zonnige zomeravond was!

 

3. Pas je aan het onderwerp aan

Fotografeer je een volwassen persoon of een kindje van 3 jaar oud? Dat bepaalt namelijk heel erg jouw werkwijze. Waar je bij een volwassene geposeerde én portretten in beweging kunt maken, is dat bij een jong kindje een stuk lastiger. Dat komt omdat ze niet zo lang stil kunnen staan 😉 Bereid je daar dus op voor. Zo kreeg ik eens een foto-opdracht van een moeder die haar twee zoons op de foto wilde. Maar net zoals de twee portretten hieronder, van Lola en Jadé. Waar ik niet bij stilstond en het ook niet had gevraagd, was dat haar jongste zoontje 4 was. Eigenlijk nog net een tikkeltje te jong voor dit soort serieus geposeerde foto’s. Tijdens de shoot kwamen we er beide achter dat het dus niet echt ging lukken, en ook na het sturen van de foto’s was ze – en begrijpelijk – niet heel enthousiast. Om haar tegemoet te komen, heb ik toen een flinke korting gegeven, wat ze erg waardeerde!

Tips voor Betere Portretfoto's - Lola & Jadé

4. Neem de tijd

Vanuit mijn ervaring kan ik zeggen dat hoe meer tijd je neemt bij een fotosessie, hoe mooier en beter je portretfoto’s worden. Zelfs al moet een foto relatief snel gemaakt worden, probeer dan alsnog meer tijd te plannen. Zo kan het gebeuren dat je voor een groot bedrijf zakelijke portretten moet maken. Dan zal het aardig wat tijd kosten als je per persoon 1 tot 1,5 uur nodig hebt. En daar hangt uiteraard ook een prijskaartje aan. Het is wel mógelijk om snel portretten te schieten met bijvoorbeeld een standaard studio licht opstelling. Maar in 9 van de 10 gevallen is de geportretteerde daar dan niet tevreden over. In dit filmpje van Mo Selim Art zie je heel mooi het effect van de beschikbare tijd om Spiderman te tekenen:

5. Gebruik een statief…of niet 😉

Het is aan jou om een statief te gebruiken, of niet. Zelf vind ik het dus heel prettig om echt de tijd te nemen, en een statief helpt daarbij. Gek genoeg zorgt een statief voor rust tijdens de fotoshoot. Je kunt heel nauwkeurig je compositie bepalen, en je hebt je handen vrij. Je kunt dus heel makkelijk even weglopen zonder dat er iets verandert in je opstelling. Maar….als jij juist heel vrij wilt kunnen bewegen, dan moet je dat statief lekker in de hoek laten liggen. Deze dynamische stijl past wel bij fashion fotografie, waarbij het (professionele) model vaak meerdere poses en houdingen achter elkaar aanneemt. Ik raad dan wel aan om bijvoorbeeld een handige Blackrapid camerariem te gebruiken, zodat je ook zonder statief je handen vrij kunt hebben.

6. Hou het simpel

Less is echt more! Hou het eenvoudig en maak het jezelf niet te moeilijk, vooral voor jezelf. Heel concreet betekent dat je bijvoorbeeld een neutrale / egale achtergrond zoekt voor je model. Dat kan een muur van een gebouw zijn, waar je model relatief dicht bij staat. Maar het kan ook de natuur zijn, waar er door de onscherpte ‘rust’ ontstaat (door het gebruik van een portretlens). In het portret van Leonie combineer ik eigenlijk beide: Een rustige muur én gebruik van onscherpte.

 

Tips voor Betere Portretfoto's - Leonie

 

7. Varieer in afstand

Het kan heel goed helpen om te experimenteren met de afstand tot je model. Wil je een close-up maken? Een halftotaal of juist een ‘ten voeten uit’ portret? Probeer verschillende dingen uit, maar neem per uitprobeersel ruim de tijd. Als je al wat verder bent met portretfotografie, en je wilt jezelf nog meer uitdagen? Dan kun je als doel stellen dat je een zogenaamd totaalportret van iemand maakt: drie portretten van hetzelfde model, maar op verschillende afstanden. Als je tevreden bent over de foto’s, kun je ze ook samen als mini-serie presenteren. In het voorbeeld van Malek hieronder, zie je een top-tot-teen shot plus twee close-ups. Merk op dat een van de close-ups in landschapsformaat is gemaakt!

8. Van bekend model naar onbekend model

Als je een beginner bent in portretfotografie, zou ik eerst bekenden of kennissen vragen om model te staan. Je moet veel ballen in de lucht houden bij portretfoto’s, dus als je dan ook nog het ijs tussen jou en het model moet breken is dat misschien even too much. Gaandeweg krijg je meer ervaring en gaan dingen op de automatische piloot, en dan kun je stap voor stap de moeilijkheidsgraad van je model verhogen! Of je kunt natuurlijk lekker in het diepe springen 😉 In de video hieronder geef ik je een paar manieren om een model te vinden!

9. Let op je brandpuntafstand

Lenzen vertonen in meer of mindere mate vertekening / vervorming. Denk bijvoorbeeld aan een groothoeklens van 16 of 24 mm, en je ziet dat in werkelijkheid rechte lijnen, op de foto krom lijken. Dat gebeurt dus ook als je met een groothoek een close-up portret van iemand maakt. Het gezicht ziet er dan heel raar en onnatuurlijk uit. Afhankelijk van wat soort portret je maakt (close, halftotaal of totaal) kies je daarbij een brandpuntafstand. Bij een zoomlens is dat makkelijker, omdat je gewoon in of uit kunt zoomen. Als stelregel kun je zeggen dat je voor een totaalshot best een wijde hoek kunt gebruiken (of verder weg staan met een kleinere beeldhoek), en voor een close-up meer richting de 50-70 mm. Hieronder zie je een vergelijking van verschillende brandpunten van dezelfde paspop. Kijk naar het effect / de vervorming!

10. Stel de ogen scherp

Bij portretten zijn de ogen erg belangrijk, misschien wel het belangrijkst. Zeker bij een close-up is het van belang dat in ieder geval een van de ogen scherp is. Met de huidige generatie systeemcamera’s is dat een stuk makkelijker geworden. Veel camera’s hebben namelijk een zogenaamde EYE-AF functie. Dit is autofocus waarbij de camera de ogen scherpstelt. Je kunt soms zelfs kiezen of dat het linker -of rechteroog is! Handmatig scherpstellen kan ook, maar dat vind ik zelf erg moeilijk. Nog een optie is live-view inschakelen bij een spiegelreflex. Je klapt dan de spiegel omhoog, waardoor er een ander focussysteem wordt gebruikt. Dit is wel traag trouwens. Meer hierover in de video hieronder!

11. Gebruik daglicht

Daglicht is gratis en zo goed als altijd aanwezig (behalve ’s nachts natuurlijk, duh!). Het is daarnaast ook nog eens ‘natuurlijk’, wat een fijne sfeer aan een portret kan geven. Zacht licht is het makkelijkste om mee te fotograferen, omdat je geen last hebt van schaduwen. Daarentegen kan goed gebruik van schaduwen juist extra kracht geven aan een portret.
Bekijk en vergelijk deze portretten van Kanako. Van links naar rechts zie je heel verschillende portretten met heel verschillend licht. Bonustip: Word je (meer) bewust van licht om je heen in je dagelijkse leven. Wat doet het met gezichten van mensen? Wat voor gevoel geeft het je? Zie dit als oefening om licht te leren ‘lezen’, zodat je tijdens het fotograferen met licht kunt ‘schrijven’ 😉

12. Installeer de Sunseeker app

Wil je kunnen voorspellen hoe en waar de positie van de zon is? Over een paar uur? Over een paar dagen? Dit kan allemaal met de Sunseeker app. Je kunt zelfs op je huidige locatie augmented reality gebruiken, en visualiseren waar de zon is op een bepaald tijdstip. Zo kun je inschatten hoe het licht zal zijn op dat betreffende tijdstip. Een erg handige en toffe app! Download het hier voor iOS of Android.

13. Draai je camera een kwartslag!

Dit heet ook wel ‘portret-stand’. Dit is niet om flauw te doen hoor, maar ik zie heel veel mensen de camera vasthouden in ‘landschap’ modus. Heel logisch, want op die manier voelt een camera het meest comfortabel. Maar vooral bij close-ups kan landscape heel benauwend voelen, simpelweg omdat er weinig ruimte boven en onder het gezicht zijn. Uiteraard zijn er uitzonderingen, zoals deze. In dat portret is de vorm van haar safety bril namelijk ook breed, en dat rijmt weer mooi met de landscape orientatie. Maar kijk vooral welke camera-stand het beste past bij jouw portret, compositie en uitsnede! In het voorbeeld twee portretten van Eliza.

14. Aanwijzingen geven

Heel veel mensen vinden het geven van aanwijzingen aan het model erg lastig. Het goede nieuws: Iedereen kan dit leren. Het slechte nieuws: Aanwijzingen leren geven kost tijd 😉 De regie van je model komt vaak een beetje op de laatste plaats. Dit komt omdat – zeker als je net begint met portretfotografie – je vooral bezig bent met andere zaken, zoals camera-instellingen, het licht, de houding van je model enzovoorts. Gaandeweg worden die ‘technische dingen’ een automatisme, en je zult merken dat je als vanzelf dan meer aanwijzingen gaat geven. In de video hieronder geef ik je enkele handige tips daarvoor!

15. Let op kleur & kleding

De juiste kleding die qua kleur – en vorm – perfect past bij het totaalplaatje, kan een portretfoto veel mooier of beter maken. Ook de achtergrondkleur(en) kan of kunnen daarbij een belangrijke rol spelen. Het gaat uiteindelijk om de balans en het samenspel tussen meerdere beeldelementen van een portretfoto. Denk aan licht, houding, blik, en dus ook kleur van de kleding en de achtergrond. Normaal vraag ik modellen om effen kleding te dragen, zodat je als kijker meer op het gezicht kan focussen. Maar de laatste tijd ben ik meer aan het spelen met kleuren en patronen.Dit (studio)portret van Veerle kreeg voor mij iets ‘extra’s’, omdat zij een hele mooie bloemetjesblouse bij zich had. Als de locatie het toelaat (buiten kan dat soms wat lastiger zijn i.v.m. omkleden), laat je model dan meerdere kledingstukken meenemen. Dan kun je tijdens de shoot dingen uitproberen!

Bonustip. Werk samen

Tot slot, een van mijn beste tips voor betere portretfoto’s: Zie de fotoshoot als samenwerking! In het ideale geval komen jullie (het model en jij) op foto’s uit waar jullie beiden achter staan. Tijdens de shoot laat ik tussendoor de resultaten zien, en ik let daarbij goed op de lichaamstaal van het model. Als je model een beetje stilletjes zegt dat hij of zij de foto’s ‘wel mooi’ vindt, dan weet je dat dat eigenlijk niet zo is. Mensen vinden dat heel lastig om toe te geven. Als een model echter heel enthousiast reageert (en dat is niet te faken), dan weet je dat je in de goede richting zit. Maar het is ook belangrijk dat jij als fotograaf de foto mooi vindt. Ga dus voor die win-win! En last but not least, have fun! 😀

Online Cursus Portretfotografie

Wil jij nog veel meer leren over de principes van Portretfotografie? Dan is de Online Cursus Portretfotografie wellicht iets voor jou!

Online Cursus Portretfotografie

Over de schrijver
Fotografie. Brazilian Jiu Jitsu. Chocola
Reactie plaatsen

arrow_drop_up arrow_drop_down